Zweedse Alpen: Wintersport voor natuurminnaars

De eenzame berg Areskutan lijkt vanuit de verte op een omgeslagen schip. Een opstekende besneeuwde kiel van een gestrande noordelijke Ark van Noach, die hier zijn laatste lading rendieren, elanden, veelvraten en lynxen uitstrooide over een schijnbaar door God verlaten gebied. Dat is niet zo gek, want ‘skutan’ betekent in het oud-Zweeds schip.

Ontspannen skiën door een betoverend sneeuwlandschap. Sneeuw en ijs waren eeuwenlang de deurwachters van dit koude paradijs. Maar dezelfde sneeuw, veel sneeuw en goede sneeuw gedurende een kleine acht maanden, maakt dit dunbevolkte stukje Zweden juist de laatste jaren een stuk geliefder. Niet alleen de Zweden zelf, maar ook Russen, Noren, Finnen, Denen, inwoners van de Baltische staten en Engelsen hebben de ongereptheid van dit gebied beproefd en op echtheid gecontroleerd.

Een paar seizoenen geleden starte reisbureau VrijUit de eerste georganiseerde sneeuwvakanties vanuit Nederland naar dit Noord-Zweedse gebied. De Areskutan is vergeleken met andere skibergen in Europa niet hoog, 1400 meter. Maar tezamen met zijn kleinere kornuiten Mullfjället, Västerskutan, Lillskutan en Förberged vinden Zweden aanleiding genoeg om het gebied de Zweedse Alpen te noemen.

Natuurlijk zullen er skiërs zijn die in de lach schieten. ‘Veertienhonderd meter, dan begin ik pas lekker warm te draaien.’ Zeker wanneer je denkt aan de megalange afdaling van bijvoorbeeld de kleine Matterhorn (3850 meter) in Zwitserland naar het Italiaanse Cervinia. Wat is hierbij vergeleken de magie van een witte puist in deze bijna verlaten noordelijke ijsjungle? Puurheid zou je kunnen zeggen. Een vriendelijke traagheid, zoals gepersonifieerd door de uit het begin van de vorige eeuw stammende en onlangs gerestaureerde bergbaan Kälkspäret, die vertrekt van een klein stationnetje in het midden van Are, de grootste nederzetting in dit skigebied.

Vrijwel geen hoogbouw, maar wel verspreid staan die eeuwig rode huizen en hotels. In dit gebied maken 45 skiliften met een kleine 35 km aan skipistes een stille wereld tussen naaldbomen toegankelijk. Vaak ben je alleen, terwijl om je heen sneeuwpakketjes van de takken neerploffen, want over sneeuwonzekerheid hoef je hier niet te klagen. Sport staat in het teken van de witte natuur. Tenslotte is het in deze contreien langer wit dan groen. Tot in de lente kan hier geskied worden, in bikini terwijl de knoppen uitbotten en de kruiden beginnen te geuren. Het doet zelfs een beetje denken aan mijn jacht ervaring in Frankrijk.

Het landschap gaat vloeiend over in de skinederzettingen en het vreedzaam gevoel wordt hier niet abrupt geblokkeerd, zoals in andere Europese grote skigebieden, door hoge rijen glimmende appartementsgebouwen of de verlokkingen van avant- of après-skiuitspattingen. Natuurlijk zijn er die hier ook, maar het is even zoeken. Begin dit jaar zijn twee supersnelle liften in gebruik genomen die skiërs in vier minuten van de vallei naar de top brengen. Deze zijn ook aangebracht met het oog op de FIS World Ski Championship in 2012, die dan voor de tweede keer in Are wordt gehouden.

Daarom ook vindt men hier de benaming Zweedse Alpen helemaal zo gek nog niet. Onderzocht wordt momenteel of er in Are het hele jaar door geskied kan worden. Door toepassing van geothermale technieken wil men een bergtraject in de zomer dermate afkoelen dat met sneeuwkanonnen aangebrachte sneeuw zal blijven liggen. Restaurants met streekrecepten zijn er volop. Buustamons fjällgrd is een bijzonder lokaal, alleen al omdat een rupsvoertuig je er over de besneeuwde hellingen die aan duinen doen denken naartoe brengt. Specialiteit is elandbiefstuk, die ook door de bewoners van de streek als een delicatesse wordt beschouwd. In de keuken worden veel bessen gebruikt, zoals maanbessen, vossebessen en bosbessen, evenals cantharellen en andere paddestoelen.

Het is duidelijk dat ook deze consumptiepaleizen verbonden zijn met de direct om de hoek gelegen natuur. De Samer, ook wel onterecht Lappen genoemd, bewonen van oudsher dit gebied. Het volk met zijn aparte taal is verspreid over Rusland, Noorwegen, Zweden en Finland. Er zijn ongeveer 400 Samer-families in Zweden die rendieren fokken, per familie 300 dieren. Vroegen waren dat 3000 rendieren. Maar dat neemt allemaal af. Wintersporters zorgen ervoor dat de trekgebieden van de dieren worden versnipperd. Rendieren verschijnen soms op de pistes en dat ziet men niet graag, want de kans op ongevallen neemt daardoor toe. Maar de rendieren weten niet beter, want tot voor kort waren het gewoon weidegebieden. Het zijn overigens vooral de sneeuwscooters die de rust van de rendieren verstoren.